zondag 8 juli 2012

Groningen Uithuizen Menkemaborg


De Menkemaborg is in oorsprong een uit de 14e  eeuw daterend huis, een zogenaamd ‘steenhuis’, dat in de loop der tijd vergroot is. Over de familie Menkema is weinig bekend. In het begin van de 17de eeuw vergrootte het echtpaar Clant het gebouw tot een U-vormig huis met de ingang naar het oosten.

In 1682 koopt Mello Alberda het landgoed en na zijn overlijden in 1699 erft zijn zoon Unico Allard het. In 1701 trouwt Unico Allard met Everdina Cornera van Berum en zij verbouwden het huis ingrijpend waarbij de ingang naar het noorden werd verlegd en het huis een barokke symmetrische indeling kreeg. De architect van deze verbouw was Allert Meijer. Voor het verfraaien van het interieur werden kunstenaars aangetrokken. Beeldsnijder Jan de Rijk maakt de imposante schoorsteenmantels van barok houtsnijwerk en Harmannus Collenius schilderde daarvoor mythologische voorstellingen. Ook een heel bijzonder staatsieledikant, gemaakt van gele Chinese zijdedamast, is bewaard gebleven.
De familie Alberda bewoonde de Menkemaborg als buitenhuis tot het overlijden in 1902 van de laatste bewoner, Gerhard Alberda van Menkema en Dijksterhuis. In 1921 schonken zijn erfgenamen het landgoed aan het Groninger Museum. Na restauratie van de tuin en de gebouwen werd de Menkemaborg in 1927 opengesteld voor bezoekers. In 1969 werd de Stichting Museum Menkemaborg opgericht voor het beheer en de exploitatie van het museum.

De kamers, waaronder de grote zaal, herenkamer, studeerkamer, slaapkamer, keuken en kelders zijn volledig ingericht met mooie meubelen, zilver, porselein, koperwerk en portretten uit de 17de en 18de eeuw. De vertrekken zijn levendig ingericht alsof ‘de bewoners zo terug kunnen komen’.
 

Het schathuis
De naam schathuis is afkomstig van het Friese woord ‘skat’ of ‘sket’, dat vee betekent. In feite is een schathuis de boerderij bij een borg. Op de tuintekening uit omstreeks 1705 is te zien, dat het schathuis veel
groter is geweest. In het schathuis werden vroeger de koetsen en de paarden gestald, werd hooi en andere gewassen opgeslagen, maar er werd eveneens gekookt, bier gebrouwen, kaas gemaakt en de knechten hadden hun eigen kamer. Nu is in het schathuis een café-restaurant gevestigd.

Tussen de beide grachten liggen de verschillende en bijzondere tuinen van de Menkemaborg.


De tuin ten westen van de borg is gereconstrueerd naar het originele tuinplan uit circa 1705 en heeft een heldere overzichtelijke indeling met symmetrisch gerangschikte vakken van geschoren buxus met daarin 18de-eeuwse bloemen- en plantensoorten.
Het fraaiste gedeelte is de besloten lusthof voor het ‘theehuis’ met poorten en halve koepels van treillagewerk. In de lange door buxushaagjes omzoomde bloemperken staan in symmetrie de planten tussen de taxuskegels.

Aan het einde van deze tuin ligt de opmerkelijke natuurlijke zonnewijzertuin, waar de schaduw van de hele houten wijzer de 18de-eeuwse tijd aanwijst.

Midden achter de borg ligt een strakke tuinindeling van paden en grasperken, dat aangelegd is op grond van de originele tuintekening.

Aan de oostkant van de borg liggen de nutstuinen met een fruithof waarin een grote diversiteit aan oude fruitrassen groeien. De fruithof wordt doorsneden door een fraaie perenberceau.

Achter het schathuis ligt de keukenhof met een verdeling in grote moestuinvakken waarin oude groenten worden verbouwd en smalle vakken voor medicinale en keukenkruiden.

De bloeiende rozentunnel is hier in de zomer een bezoek waard! Helaas heeft de vorst in 2012 veel schade aangericht aan de rozen en werden daarom helemaal teruggesnoeid. Gelukkig zijn ze niet verloren, maar het zal enige tijd duren voor de tunnel weer helemaal dichtgegroeid is en volop in bloei zal staan.


Meer foto's: klik hier 











Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen