zondag 26 februari 2012

Groningen Lauwersoog Drogen van scharren

Zo af en toe bezoeken we het mooie natuurgebied Lauwersmeer. Een visje bij Visser Vis blijft niet achterwege. Dit keer een kleine verrassing. De scharren die gedroogd worden. Het is al een hele oude traditie die bijna nergens meer bestaat, maar in Lauwersoog gebeurt het nog elk voorjaar: scharren drogen. Op de kade in de wind blijven de insecten verjaagd. We kwamen nog een filmpje op youtube tegen.



zaterdag 25 februari 2012

Groningen Aduarderzijl 't Waarhuis

Het drie eeuwen oude Waarhuis (Scheppershuis) staat op één van de mooiste plekjes in de provincie Groningen. Op de kruising van het tussen 1400 en 1430 gegraven Aduarderdiep en het oorspronkelijke Reitdiep, één van de oudste nog bestaande meanders in Europa. Aanvankelijk in gebruik als rechtshuis (Scheppershuis) later dienst doende als sluishuis, café en kleinveebedrijf, is het sinds enige jaren omgetoverd tot een klein cultuurparadijsje, waar exposities, concerten, diners en kleinkunst voorstellingen plaatsvinden. Tevens is het "het huis der gemeente" (Winsum) alwaar huwelijken voltrokken kunnen worden, al of niet met een glaasje champagne of een heuse bruidstaart e.d. Bovendien is het Waarhuis geschikt voor uw vergaderingen, thema dagen e.d.
Alle foto's van de provincie Groningen: klik hier

vrijdag 24 februari 2012

Groningen Stad Centrum Poortje 1683

groningen-centrum-poortje 1683-a kerhof 8-10
groningen-centrum-poortje 1683-a kerhof 8-10
Op het A kerkhof in het centrum van Groningen vinden we Poortje uit 1683 als erfscheiding tussen nummer 8 en 10. Het poortje is aangemerkt als Rijksmonument in sluitsteen gedateerd 1683 en bekroond door een opzetstuk met een soort Gorgenenmasker en bollen, waarvan er één ontbreekt.

Op nummer 10-14 een aantal ateliers waaronder Hilda Kernell-Hettema



vrijdag 10 februari 2012

Groningen Stad Centrum Het Prinsenhof


groningen-centrum-prinsenhof
groningen-centrum-prinsenhof
Het Prinsenhof is een gebouw aan het Martinikerkhof in Groningen, op nr.23.
Van circa 1040 - 1215 stond ter plaatse al de woning van de villicus, de toenmalige benaming van de vertegenwoordiger van de landsheer, de bisschop van Utrecht.
Het gebouw was van origine (1436) eigendom van de Broeders des Gemenen Levens. In 1569 werd het de residentie van Johannes Knijff, de eerste bisschop van Groningen en Drenthe. Hij liet er vleugels aanbouwen met steen van het klooster Bloemhof bij Wittewierum.
In 1576 werd het de residentie van stadhouder Rennenberg. Na de Reductie (1594) werd het gebouw de verblijfplaats van de stadhouders, de prinsen van Nassau, vandaar de naam Prinsenhof of Stadhoudershof. Overigens maakten die er niet veel gebruik van. De voornaamste residentie, ook van de Friese stadhouders, was in Den Haag of Leeuwarden.
groningen-centrum-voormalig militair hospitaal
Na verregaande ontmanteling in 1795 werd het, het Nationaal hof. In 1808 (Frans) militair hospitaal; vanaf 1898 marechaussee. Vanaf 1924 werd het gebouw verwaarloosd. In de dertiger jaren van de 20e eeuw geleidelijk gerestaureerd. Van 1945 tot 2005 was de regionale omroep RTV Noord hier gevestigd. Sinds september 2005 staat het pand leeg. Eind 2011, begin 2012 wordt het een hotel-restaurant.











groningen-centrum-gardepoort
De poort van de Prinsenhof is van 1642; gerestaureerd 1940, ter gelegenheid van het 900-jarig bestaan van Groningen als stad. De tuin achter de Prinsenhof, gelegen tussen het huis en de diepenring is de Prinsentuin.
Naast het Prinsenhof, staat de Gardepoort. De poort stamt uit 1639 en verbindt de Turfstraat met het Martinikerkhof. Door het reeds bestaande pand is de poort gemaakt op verzoek van stadhouder Hendrik Casimir I, die destijds zetelde in het Prinsenhof. Het gebouw was het onderkomen van de ruiterwacht. In de jaren '90 is op de hoek van de Turfstraat een complex moderne woningen gebouwd. Op deze plaats stond eerder een schoolgebouw. Deze school heette de Prinsenhofschool en was een MULO/MAVO-school.

dinsdag 7 februari 2012

Groningen Stad Oranjewijk Beelden Schoolmeisje in minijurk


Aan  de Nassaulaan in de Oranjewijk treffen we deze jonge dame aan. Jonge ontluikende vrouwen zijn een belangrijk thema in het werk van Wladimir de Vries. Het figuur met het smalle middel, de kleine borsten en het korte jurkje een kinderlijk uiterlijk. Haar houding heeft iets van een verlegen meisje. Maar de benen en armen zijn fors en geven de figuur een volwassen uitstraling. Behalve dat de kunstenaar ontluikende vrouwelijkheid heeft willen uitbeelden, kan er nog een tweede reden zijn waarom De Vries het meisje zo geproportioneerd heeft. Een beeld dat buiten staat, verliest volgens de kunstenaar altijd aan volume door de ruimte eromheen. Daarom maakte hij het vaak iets zwaarder, dikte hij bepaalde lichaamsdelen aan om de beeldende kwaliteit optimaal tot zijn recht te laten komen.

Het beeld kreeg in 1972 een plek bij een basisschool aan de Siriusstraat in de wijk Paddepoel. Sinds 1991 staat het meisje in de middenberm van de Nassaulaan.
Van Wladimir de Vries staan in de stad meerdere beelden. De meest bekende zijn ‘Landbouw en Veeteelt’, oftewel ‘Blote Bet’ op de Herebrug, ‘Het Veulen’ aan deRadesingel en ‘De Wisent’ in het Noorderplantsoen. Zijn werken - alle figuratief van aard - zijn gerealiseerd in de periode van ongeveer 1950 tot 1980. Dat was juist de tijd waarin een overheersende voorkeur voor abstracte kunst begon te ontstaan. Maar Wladimir de Vries bleef in zijn oorspronkelijke - traditionele - stijl werken. De eigenzinnigheid van De Vries kenmerkt ook zijn beelden waaruit trots en welbehagen spreekt.

maandag 6 februari 2012

Groningen Stad Oosterhogebrug Eemskanaal in de winter


groningen-eemskanaal-kop van oost
groningen-eemskanaal-damsterdiep
Eens kijken rondom Groningen op de vaarwegen. Twee mooie plaatjes van het Eemskanaal ter hoogte  van het Damsterdiep met op de achtergrond onder meer de Tasmantoren in de wijk Oosterhoogebrug. Deze weersomstandigheden en vorst met rond de min tien graden moet het bij de buren in Friesland toch een feest zijn als de Elfstedentocht door mag gaan waarbij inmiddels velen zijn opgeroepen het ijs te onderhouden. Succes gewenst.

Groningen Stad Zernike Jacobus Cornelius Kapteyn


groningen, zernike, bernoulliborg, telescoop gratama, zernikelaan
groningen-zernikecomplex-zernikelaan-kapteynborg
Jacobus Cornelius Kapteyn (Barneveld, 19 januari 1851 – Amsterdam, 18 juni 1922) was een Nederlandse astronoom.
Tijdens de expositie Reis naar de oneindige ruimte kwamen we de naam Kapteyn tegen, reden om ons hier even in te verdiepen. De naam Kapteyn kennen we van bijvoorbeeld de Kapteynlaan in de Korrewegwijk of de naam van één van de gebouwen, Kapteynborg op het Zernikecomplex waar het Kapteyn Instituut is gehuisvest.

Levensloop
Kapteyn werd geboren als zoon van een schoolmeester. Al op jeugdige leeftijd gaf hij blijk van een grote interesse in natuurkunde en in 1868, toen hij zeventien jaar oud was, ging hij in Utrecht wis- en natuurkunde studeren. Hij promoveerde in 1875 (magna cum laude) op een proefschrift getiteld Onderzoek der trillende platte vliezen. In 1877 werd hij de eerste hoogleraar sterrenkunde en theoretische mechanica aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Omdat hij in Groningen geen observatorium kon realiseren, zocht hij contact met de sterrenwacht in Kaapstad. Samen met directeur David Gill stelde hij een catalogus (onder de naam The Cape Photographie Durchmusterung for the equinox 1875) samen van meer dan 450.000 sterren aan het zuidelijk halfrond.
Kapteyn kreeg verder bekendheid vanwege zijn studie naar de eigenbeweging van sterren. Hij ontdekte dat er twee stromen, tegengesteld aan elkaar, waren. Dit was de basis voor het bewijs dat de Melkweg roteert. Dit bewijs werd uitgewerkt door Bertil Lindblad en.Jan Hendrik Oort. In 1897 ontdekte Kapteyn een rode dwergster op een afstand van 12,8 lichtjaar, met een zeer grote eigenbeweging. Die ster werd naar hem vernoemd: de Ster van Kapteyn.

zaterdag 4 februari 2012

Groningen Stad Paddepoel Beelden Groeisymbool

groningen-paddepoel-pleiadenlaan-groeisymbool
groningen-paddepoel-pleiadenlaan-groeisymbool
Aan de Pleiadenlaan hoek Zonnelaan naast de voormalige Rabotoren staat een sculptuur Groeisymbool. Deze sculptuur kreeg in 1972 een plek in de vijver bij het destijds nieuw opgeleverde hoofdkantoor van de Rabobank aan de Pleiadenlaan. Opdrachtgever Rabobank schonk het kunstwerk een jaar later aan de gemeente Groningen.

De sculptuur bestaat uit drie hoge pylonen die recht uit het water oprijzen en omringd worden door veertien uit het water omhoogstekende schotsvormige elementen. Een fontein spuit het water langs de pylonen omhoog en laat het op de schotsen klateren. Een onderwaterverlichting zet het fonteinbeeld ’s avonds in wit licht. Destijds omschreef kunstenaar Jacob van der Meij het kunstwerk als een symbool van openbarstende aarde, waarbij de drie uit het water oprijzende ‘poliepen’ en de helwitte verlichting bij nacht de oerkracht en energie van de aarde uitdrukken. Met Groeisymbool wilde Van Der Meij tevens een reactie geven op de huidige maatschappijstructuur “waarin overheerst een vervlakkend horizontalisme, een verkillende supermarktsfeer, een gebrek aan verwondering, aan huivering; aan emotie bij een opgaande zon, aan eerbied voor een eeuwenoude boom”. Het contrast tussen de kille maatschappij en een eeuwenoude boom wordt tot uitdrukking gebracht door respectievelijk het strakke gebouw en de grillig en organisch gevormde sculptuur.

Voor het vervaardigen van Groeisymbool volgde Van der Meij een opmerkelijk procédé. Als mallen gebruikte hij houten bekistingen die aan de binnenkant met piepschuim waren bekleed. Dit oppervlak ging hij met een lasapparaat te lijf, zodat delen van het schuim weg smolten en stukken samen klonterden. Na deze bewerking goot hij de mallen vol met aluminiumbeton dat stolde in deze grillige vormen – alsof het beeld niet door mensenhanden, maar door groei en erosie is ontstaan.

Jarenlang waren de onderwaterverlichting en de fonteinwerking van het beeld buiten werking gesteld. Met het stopzetten van alle fonteinen in de stad in 1973 meende de gemeente Groningen een zinvolle bijdrage te leveren aan de bestrijding van de oliecrisis. Pas twintig jaar later, in 1993, werd de fonteinfunctie van het kunstwerk in ere hersteld.

Meer beelden: klik hier




woensdag 1 februari 2012

Groningen Stad Centrum Beelden Hendrik de Vries

groningen-centrum-beelden-hendrik de vries-sint jansstraat
Op de Sint Jansstraat op het gras nabij de Martinikerk komen we het beeld van Hendrik de Vries tegen. Dit beeld is een eerbetoon aan de Groningse dichter en beeldend kunstenaar Hendrik de Vries (1896-1989). De figuur, bestaande uit het hoofd van De Vries en een vreemd samengestelde torso, roept een sfeer op die aansluit bij de gedichten en schilderijen van de kunstenaar. Wie opgaat in zijn werk komt namelijk in een onheilspellende droomwereld terecht. Desolate vulkanische landschappen, boosaardige sprookjes, de vurige gratie van Spanje (het land van zijn reizen en dromen), hunkering naar erotiek en bedreigende vrouwenfiguren zijn dan ook de belangrijkste thema’s in het werk van De Vries.

Norman Burkett heeft al deze elementen in het beeld uitgewerkt. Het bronzen beeld toont een soort droomfiguur met de kop van Hendrik de Vries. De vreemd samengestelde torso bestaat uit een aantal elementen die bij nadere beschouwing min of meer herkenbaar zijn. Zo is de gebochelde figuur met blote billen gedeeltelijk gehuld in een cape van een stierenvechter die tegelijkertijd tovenaarsbuidel en vleugel van een draak is. Verder zijn op zijn rug zijn ook een leeuwenkop, een jongensgezichtje, een oog, en het geraamte van een hand te herkennen.

De locatie van het beeld is niet toevallig gekozen. Hendrik de Vries was namelijk jarenlang werkzaam op het Groninger gemeentearchief, dat destijds gevestigd was in de Sint Jansstraat. Hij moet in die tijd een opvallende verschijning zijn geweest. De Vries liep altijd, of het nu zomer of winter was, in een hemd met Schillerkraag (openvallende kraag). En wanneer hij dossiers naar het stadhuis moest brengen, vervoerde hij die - zo gaat het verhaal - op zijn hoofd.


Groningen Stad Centrum Martinitoren Martinikerk


groningen-centrum-martinikerkhof


Martinitoren – d’Olle Grieze


Het is 530 jaar geleden dat de bouw van de huidige Martinitoren was voltooid. Dit betreft het stenen gedeelte, twee vierkanten en een achtkant elk voorzien van een rijk bewerkte gotische trans of omloop. Het is gebouwd uit Bentheinier zandsteen. Boven de ingang drie beelden, van links naar rechts Bernlef, Sint Martinus en Rudolf Agricola, drie bekende mannen die verbonden zijn aan de geschiedenis van Groningen. De naam ‘d’Olle Grieze’ is ontleend aan de grijze kleur die de toren heeft. Tezamen met de gedeeltelijk uit hout opgetrokken spits, is de toren zevenennegentig meter hoog en heeft een fundering van slechts drie meter diep. Vroeger bestond de fundering geheel uit koeiehuiden.
Eeuwenlang is de toren ook als brandpost gebruikt. Tot aan het begin van de vorige eeuw diende de toenmalige torenwachter, Jan Koop Sjoerts, tevens als brandwachter. Hij moest elk kwartier in alle windstreken blazen op de brandhoorn, ten teken, dat alles veilig was. Op een heldere dag biedt de toren een grandioos uitzicht over Stad en Ommeland, met aan zijn voet zo’n 187.000 inwoners.

Luidklokken

Rond 1577 goot Hendrik van Trier de drie grote klokken dit nu in de toren hangen. Eigenlijk moesten dit er tien zijn, maar de stad was door de oorlog zo slecht bij kas dat Van Trier maar drie klokken goot zonder hiervoor een cent te ontvangen. De klokken werden door paarden en ezels in de toren gehesen en kwamen oorsprokelijk van rechte assen te hangen. Als ment toen der tijd de Salvatorklok van achtduizend kilo wilde luiden dan waren daar twaalf mensen voor nodige.
Tegenwoordig hangen alle klokken aan krukassen wat het luiden gemakkelijk maakt, toch is een rechtas beter voor zowel de klok als de klank.